Een club kan niet zonder vrijwilligers en BSC Unisson kan al helemaal niet zonder Arno Wargerink.

Toch hebben we afgelopen week -met een respectvolle uitvaart ceremonie op de Zweede- afscheid moeten nemen van Arno.

Arno was een vrijwilliger van de buitencategorie.

Wat rond 2015 begon met een weddenschap: “voor het einde van het jaar hangen hier 25 nieuwe reclameborden rond het veld” groeide door Arno uit tot een soepel draaiende en zeer succesvolle sponsorcommissie. Wie de weddenschap won moge duidelijk zijn: Voor de kerst hingen er al meer dan 30 borden.

Toen was t hek van de dam. In rap tempo ontstonden er nieuwe sponsor-initiatieven zoals balsponsor, TV-reclame, een echt scorebord, de voetbalplaatjesactie. Dat en nog veel meer werd door Arno bedacht, opgezet en uitgevoerd. Want hij had ideeën, maar was ook niet te beroerd om zelf de handen uit de mouwen te steken. Nooit deed je vergeefs een beroep op Arno om bv kantinedienst te draaien en ook op “zijn eigen” sponsoravond was het voor Arno geen enkel probleem om de schaal met hapjes zelf even rond te laten gaan.

Het was dan ook niet verwonderlijk dat bij het eerste officiële BSC Unisson sportgala Arno Wargerink -met glans- de verkiezing van clubman/clubvrouw van het jaar won.

Het mooie aan Arno was dat het hem absoluut niet om dat soort schouderklopjes was begonnen, maar dat hij er wel zichtbaar en oprecht van genoot.

Zijn ideeën bleven vervolgens komen: een omroeper bij wedstrijden van het eerste moest er komen en Arno regelde dat wel weer. Hij vroeg wat “sprekers” en zoals vrijwel altijd als Arno Wargerink iemand iets vroeg werd er ja gezegd.

Tegen Arno Wargerink zeg je gewoon geen nee.

Dat gold voor sponsoren, maar ook voor ons als mede vrijwilligers die hij op zijn eigen wijze kon enthousiasmeren. Als Arno mij op zijn bekende wijze vroeg: “Buj morgn nog druk?” wist ik al dat ik weer even aan de bak moest. En voor Arno deed je dat graag!

Hoe deed hij dat dan? Wat voor persoon was Arno Wargerink dat hij dit bij heel veel mensen teweeg kon brengen?

De teksten uit de vele rouwadvertenties geven daarin een heel mooi unaniem beeld:

Eigenschappen als Enthousiasme, toewijding, zijn mooie, eerlijke en royale karakter,

gedrevenheid, een actieve en immer positieve clubman, tomeloze inzet slaan de spijker op zijn kop.

De familie heeft Arno misschien wel op de beste manier getypeerd

Heel bijzonder, heel gewoon,

Gewoon een heel bijzonder persoon

En zo was Arno ook.

Heel gewoon: hij voelde zich nergens te groot voor, geen poespas, maar ook heel bijzonder

Arno had altijd aandacht en oog voor de ander. Arno was een man van binding en verbinding, iemand die WIN-WIN ook daadwerkelijk in de praktijk bracht.

Arno had de gun-factor.

Een grote wens van Arno was de realisatie van een tribune op de Zweede. Hij had al wel het nodige voorwerk gedaan en geregeld, maar de realisatie liet nog even op zich wachten. Toen Arno ziek werd kwam er vanuit de club de wens om die tribune snel te realiseren, zodat hij dat nog mee kon maken.

Dat hebben we in gang gezet, maar al snel werd duidelijk dat we dat niet gingen redden: zijn ziekte ging te snel.

Vervolgens kwam wederom uit de vereniging een breed gedragen wens (zeg maar gerust: eis).

Die tribune kan maar 1 naam krijgen: De Arno Wargerink tribune.

Mede door een fantastisch snelle actie van enkele leden heeft Arno dit nog wel kunnen zien, in schilderijvorm. Hij was erg ontroerd.     

Die acties tonen opnieuw aan hoe geliefd Arno was binnen alle geledingen van onze vereniging. Om dat te illustreren is zijn vertrek uit de kantine op donderdagavond een mooi voorbeeld.

Nog ene dan met de jas an.

Arno was donderdagavond graag in de kantine. Tuurlijk het was gezellig, maar Arno moest ook altijd nog mensen spreken om hulp te charteren voor allerlei sponsorklusjes (“den mok nog eem hebb’n” en “den mok ok nog eem an de jas trekkn”) Als hij zijn hulptroepen weer bij elkaar had was het tijd voor een pilsje aan de stamtafel, maar niet te lang want Arno wilde vroeg naar huis, want…vrijdag weer om kwart over 5 uit zijn mandje om te werken.

Als hij dan eindelijk besloten had om te vertrekken, deed hij soms wel 1,5 uur over de weg van de stamtafel naar de deur. Elke tafel -of het nou selectie was, zijn eigen 5e elftal of een jeugdteam- allemaal klampten ze hem aan: “Toe Arno kom nog even zitten”. Regelmatig klonk het dan: “ oké nog ene dan met de jas an”.

Dat moeten we vanaf nu dus allemaal missen.

Een club kan niet zonder vrijwilligers en BSC Unisson kan al helemaal niet zonder Arno Wargerink.

Toch zullen wij helaas zonder Arno Wargerink verder moeten.

We treuren om dat verlies, maar we zijn ook dankbaar voor wat hij allemaal voor onze club heeft betekent.

En we zijn heel blij dat we hem als persoon gekend hebben.

We gaan hem missen, maar niet vergeten.

Arno bedankt!